Richtlijn VDI 6202 – Brandkleppen die asbest bevatten
Brandbeveiliging en ontroking

Het omgaan met brandkleppen die asbest bevatten vereist deskundigheid

Brandkleppen die asbest bevatten, kunnen een gezondheidsrisico vormen en moeten op vakkundige wijze worden beoordeeld, gecontroleerd en gesaneerd. In dit artikel wordt uitgelegd waar exploitanten, ontwerpers en onderhoudsbedrijven op moeten letten.

Het minimaliseren van gezondheidsrisico’s door gevaarlijke stoffen en tegelijkertijd het waarborgen van de brandveiligheid houdt voor gebouwexploitanten, ontwerpers, installateurs en onderhoudsbedrijven een bijzondere wettelijke en morele verantwoordelijkheid in.

De GefStoffV vormt een centraal instrument in de Duitse arbeidsveiligheid om gezondheidsrisico's door gevaarlijke stoffen systematisch te minimaliseren en de veiligheid van de werknemers te waarborgen. De richtlijn VDI 6202 deel 3.1 begeleidt u vanaf de detectie van de gevaarlijke stof asbest in brandkleppen via de noodzakelijke veiligheidsmaatregelen tot aan het waarborgen van de brandveiligheid door vakkundig onderhoud.

Brandkleppen die asbest bevatten in gebouwen

Vanwege zijn brandwerendheid werd asbest vanaf de jaren ’50 onder andere in talloze ventilatiesystemen als bestanddeel gebruikt. Hoewel de schadelijke eigenschappen van asbest al langer bekend waren, werden de productie en het gebruik van asbesthoudende producten in Duitsland pas in 1993 verboden.

In Duitsland zijn nog steeds honderdduizenden asbesthoudende brandkleppen (BSK) in gebruik, die een potentieel gezondheidsrisico vormen. Het gevaar ontstaat wanneer asbestvezels vrijkomen en in het ventilatiesysteem terechtkomen. Zowel gebruikers van gebouwen in kantoorruimtes of hotelkamers als personen die inspecties en onderhoudswerkzaamheden uitvoeren, kunnen aan asbestvezels worden blootgesteld.

Er is bijvoorbeeld al sprake van een vermoeden van asbestvrijkoming wanneer tijdens onderhoudswerkzaamheden de asbesthoudende brandkleppen worden geïnspecteerd en het inspectiedeksel wordt geopend. Voor exploitanten en eigenaren biedt de richtlijn VDI 6202 blad 3.1, getiteld „Schadelijke stoffen in bouwkundige en technische installaties – Asbesthoudende brandkleppen“ (03/2026) een belangrijke leidraad. Deze richtlijn beschrijft het gehele proces – van de identificatie van asbesthoudende brandkleppen via de beoordeling van mogelijke risico’s tot en met geschikte saneringsmaatregelen. Het doel is om een veilige werking van de installaties te waarborgen en het vrijkomen van gezondheidsschadelijke asbestvezels te voorkomen.

Asbesthoudende onderdelen van een brandklep

In de VDI 6202 blad 3.1 staan fabrikantonafhankelijke overzichten van brandkleppen die asbest bevatten. Uit de toenmalige keuringsrapporten (PA-X) blijkt welke onderdelen van de brandkleppen asbest bevatten. Voor de Wildeboer brandkleppen kunt u deze documenten opvragen via ons contactformulier.

Welke onderdelen van een brandklep asbest bevatten, is afhankelijk van de fabrikant en het type.

Typische asbesthoudende onderdelen van een brandklep
Typische asbesthoudende onderdelen van een brandklep

Gebruiksduur van de brandkleppen

De gebruiksduur van asbesthoudende brandkleppen kan niet eenduidig worden vastgesteld. Afhankelijk van het bouwjaar en de markering kunnen de volgende uitspraken worden gedaan:

  • Brandkleppen met CE-markering zijn asbestvrij
  • Brandkleppen met een algemene bouwtechnische goedkeuring (Z-41.3 …) zijn asbestvrij
  • Brandkleppen met een PA-X-nummer of van vóór die tijd moeten nader worden onderzocht
Gebruiksduur van brandkleppen die asbest bevatten
Gebruiksduur van brandkleppen die asbest bevatten

Inspectie van brandkleppen die asbest bevatten

Zodra de aanwezigheid van asbest is bevestigd door een eenduidige toewijzing aan de hand van bouwdocumenten en installatiejaren of door onderzoeksresultaten (afdrukmonsters/materiaalmonsters volgens VDI 3866 deel 1), vindt de individuele beoordeling van de asbesthoudende brandklep plaats.

De individuele beoordeling heeft uitsluitend betrekking op asbest en omvat geen bouwtechnische of brandveiligheidstechnische beoordeling. Deze bestaat uit de stappen van de conditiebeoordeling en de daaropvolgende beoordeling van de urgentie van de sanering. De conditiebeoordeling kan worden uitgevoerd met behulp van de modelchecklist die in de bijlage bij VDI 6202 deel 3.1 is opgenomen. Voor de indeling in de schadecategorie worden conditiebeschrijvingen van de asbesthoudende producten vastgelegd. De slechtste beoordeling van een bouwonderdeel, dus de laagste schadecategorie, is bepalend voor de totale indeling.

De deskundige op het gebied van schadelijke stoffen moet, met behulp van de checklist en de ter plaatse opgedane indrukken, tot een beoordeling van de urgentie komen. In de regel komt de schadecategorie overeen met het urgentieniveau. Wijzigingen in de urgentie zijn op basis van een deskundig oordeel mogelijk.

Inventarisatie van de toestand van asbesthoudende BSK (schadecategorie)
Inspectie van brandkleppen die asbest bevatten

Werken met brandkleppen die asbest bevatten

Werkzaamheden aan brandkleppen die asbest bevatten, vallen onder een meldings- en deskundigheidsplicht. Voordat met de werkzaamheden wordt begonnen, moet een risicobeoordeling worden uitgevoerd. De risicobeoordeling maakt deel uit van de beoordeling van de arbeidsomstandigheden overeenkomstig § 5 van de wet op de arbeidsveiligheid. Deze wordt opgesteld door de werkgever. Hierin worden werkzaamheden met gevaarlijke stoffen beoordeeld en worden veiligheids- en beschermingsmaatregelen vastgelegd.

De TRGS 519 regelt de bescherming van werknemers bij werkzaamheden met asbest en asbesthoudende materialen. Deze richtlijn concretiseert de eisen van de verordening inzake gevaarlijke stoffen en biedt specifieke beschermingsmaatregelen voor sloop-, sanerings- en onderhoudswerkzaamheden.

Onderhoud van brandkleppen die asbest bevatten

Brandkleppen moeten ten minste eenmaal per jaar op hun werking worden gecontroleerd. Om de werking te controleren, moet het klepblad worden geactiveerd; daarom kan bij brandkleppen die asbest bevatten niet worden uitgesloten dat er vezels vrijkomen in het luchtkanaalnetwerk en in de onderhoudsruimte. Voor de werkingstests moeten dezelfde beschermingsmaatregelen worden genomen als bij een volledige vervanging van de brandkleppen die asbest bevatten.

De indeling van de urgentie van de sanering heeft de volgende gevolgen voor de werkingstest:

Urgentie I: Het klepblad mag niet worden geactiveerd!

Urgentie II en III: Emissiearme of projectspecifiek aangepaste testprocedures zijn toegestaan. Meer informatie over emissiearme procedures vindt u op de website van de Duitse wettelijke ongevallenverzekering (DGUV) en in de publicatie van de DGUV.

Als er geen functietest is uitgevoerd, kan de brandbeveiliging niet worden gegarandeerd en is het gebruik van de brandklep niet toegestaan.

De onderhoudsmaatregelen worden beschreven in de testrapporten (PA-X).

U kunt de documenten aanvragen via ons contactformulier.

Is het toegestaan om brandkleppen die asbest bevatten buiten gebruik te stellen?

De functie van de brandklep (BSK) is om tijdens normaal bedrijf de luchtstroom door de luchtkanalen te waarborgen en om de luchtkanalen in geval van brand af te sluiten! De asbestrichtlijn (bijlage 16 van de MVV TB) wijst inmiddels expliciet, in verband met de individuele beoordeling van de urgentie van een sanering van de brandklep, op de noodzaak om de gebruiksduur overeenkomstig de EG-verordening in acht te nemen. Het einde van de gebruiksduur is bereikt wanneer de asbesthoudende brandkleppen niet meer worden gebruikt overeenkomstig het doel waarvoor ze destijds bij de installatie waren bestemd. Het einde van de gebruiksduur treedt dus in bij buitengebruikstelling van de brandklep. Vervanging van de BSK is dan noodzakelijk. Een permanente buitengebruikstelling van de asbesthoudende BSK is volgens REACH niet toegestaan; er moet een vakkundige demontage plaatsvinden. De brandbeveiliging moet worden hersteld.

Renovatie van brandkleppen die asbest bevatten

De saneringsplanning (VDI 6202 blad 3.1) van brandkleppen die asbest bevatten, wordt uitgevoerd door de deskundige op het gebied van schadelijke stoffen. Er wordt een integraal plan opgesteld vanaf het begin van de werkzaamheden tot en met de afvoer van het afval. Voor de saneringsplanning worden de brandkleppen, de aangesloten luchtkanalen en de omgeving geïnspecteerd. Hierbij wordt rekening gehouden met de resultaten van het onderzoek en de prioritering van de brandkleppen. De beschermingsmaatregelen volgens TRGS 519 moeten worden nageleefd.

Vervanging van brandkleppen die asbest bevatten

De volgende redenen pleiten voor het vervangen van brandkleppen die asbest bevatten:

  • permanente buitengebruikstelling van de brandkleppen is niet toegestaan
  • jaarlijkse functietests zijn omslachtig en kostbaar

 

De verwijdering moet vakkundig gebeuren en daarna moet de vereiste brandbeveiliging weer worden hersteld. Een succesvolle vervanging door de huidige Wildeboer brandkleppen stelt u in staat veiligheid te combineren met efficiëntie dankzij het onderhoudsvrije concept:

  • Constructief onderhoudsvrij: Onze brandkleppen zijn zo ontworpen dat er geen bewegende onderdelen in de luchtstroom zitten. Alle mechanische onderdelen zijn volledig ingekapseld. Reinigen en smeren om de werking te behouden behoren daarmee tot het verleden.
  • Digitale voorsprong met WiNet: In combinatie met het communicatiesysteem Wildeboer-Net wordt de oplossing „nog onderhoudsvrijer“.
  • Geautomatiseerde veiligheid: Bij gemotoriseerde brandkleppen wordt de functietest aanzienlijk vereenvoudigd, omdat deze automatisch op afstand kan worden gestart en uitgevoerd.
  • Efficiëntie in het gebruik: Dit betekent nog minder inspanning in het dagelijks gebruik bij tegelijkertijd maximale, aan de voorschriften conforme veiligheid.

 

Heeft u vragen over brandkleppen die asbest bevatten of wilt u meer informatie ontvangen? Neem dan gerust contact met ons op!